INSECTENPARADIJS Bennekom
De aftrap van de Algemene Ledenvergadering van Floralia op 2 juni j.l. werd gegeven door Dick Mastenbroek. Hij gaf een lezing over ‘het Insectenparadijs’ in Bennekom. Het Insectenparadijs ligt op de hoek Elterse Hof en van Balverenweg in Bennekom-noord. Dit lustoord voor onze onmisbare bondgenoten is een bewonersinitiatief. Een stuk gemeentegras is omgetoverd tot een kleurrijke wilde bloementuin met insectenhotels. De buurt voert hier regelmatig onderhoud aan uit om de biodiversiteit in stand te houden.


Overzicht ‘INSECTENPARADIJS’ in Bennekom
Detail van een insectenhotel op het ‘INSECTENPARADIJS’ in Bennekom
ZORG VOOR EEN GOED INSECTENHOTEL
Eigenlijk zijn alleen de insectenhotels van natuurorganisaties of hotels die je zelf bouwt echt gastvrij voor insecten. Bij het verkeerde formaat van de gaatjes of een ruw binnenoppervlak beschadigen wilde bijen hun vleugels. Juist solitaire bijen komen naar de insectenhotels. Zij zijn cruciaal voor de natuur omdat ze betere bestuivers zijn dan honingbijen. Vooral metselbijen, die solitair leven, betrekken vaak een insectenhotel. En zulke hotels helpen, want metselbijen zijn de enige wilde bijen waarmee het aardig goed gaat.
WELKE INSECTEN KOMEN ER NAAR JOUW HOTEL?
Insecten die zich graag nestelen in holle stengels, houten gaten of spleten.
Solitaire bijen zijn de belangrijkste bewoners van insectenhotels. In Nederland leven ongeveer 330 tot 350 soorten solitaire bijen, bijvoorbeeld metselbijen zoals de rosse metselbij, behangersbijen, wolbijen en maskerbijen. Ook gaasvliegen komen graag naar jouw hotel. Er leven in ons land 64 tot ongeveer 100 soorten gaasvliegen. Ze behoren tot verschillende families, waarvan de groene gaasvliegen (Chrysopidae) en bruine gaasvliegen (Hemerobiidae) de bekendste zijn.
Naast meerdere soorten solitaire bijen en gaasvliegen kunnen insectenhotels ook andere interessante gasten aantrekken. Lieveheersbeestjes, vlinders (maak vlinderkamers) maar ook ongewenste gasten, zoals sluipwespen of koekoeksbijen. Deze laatste twee soorten zijn parasitaire bijen, die hun eitjes in de nesten van solitaire bijen leggen. Verder oorwormen, pissebedden en spinnen. Verder oorwormen, pissebedden en spinnen.

Solitaire bij:
metselbij
VEILIG ONDERKOMEN
Om insecten daadwerkelijk te helpen en een veilig onderkomen te bieden, gelden er een aantal belangrijke voorwaarden:
- Welke gaten hebben insecten nodig: Boorgaten moeten precies aansluiten op de grootte van de soort. Gangen moeten splintervrij zijn, omdat de vleugels van wilde bijen anders beschadigen. Hardhout is splintervrij.
- Ander natuurlijk materiaal: holle stengels, dennenappels, houtwol, bast, bladeren, hooi, stro, klei en leem.
- Beste plaatsing bij jouw woning: Hang het hotel op een zonnige, luwe plek in de buurt van veel bloeiende planten.
- Gaas: Om te beschermen tegen hongerige vogels kan je fijnmazig gaas voor de openingen spannen. Op een afstandje, zodat de insecten veilig zijn voor wat langere vogelsnavels.
- Inheemse bloemen: Wil je zeker weten dat je jouw tuin of balkon écht insect vriendelijk maakt? Stel dan een plantenlijst samen met inheemse bloemen, waar insecten op afkomen.
1. WELKE GATEN HEBBEN INSECTEN NODIG IN NEDERLAND?
Boor gaten in verschillende formaten om een diverse insecten aan te trekken.
Specificaties voor succes in Nederland:
- Diameter: Maak gaten met een diameter van 2 tot 12 millimeter, waarbij de maten 3 tot 9 millimeter het meest geliefd zijn. Boor gaten in verschillende formaten om diverse insecten aan te trekken.
- Diepte: Boor de gaten 3 tot 20 centimeter diep.
- Sluiting: Zorg dat de gaten aan de achterkant altijd dicht zijn (boor er dus niet helemaal doorheen).
- Afwerking: Schuur de openingen zorgvuldig glad. Bijen beschadigen hun vleugels aan splinters.
- Hout: Gebruik onbehandeld hardhout zoals eik, beuk, es of esdoorn, omdat zachtere houtsoorten te veel rafelen. Boor bij voorkeur dwars op de houtnerf.

Groene gaasvlieg
2. ANDER NATUURLIJK MATERIAAL
Holle stengels (voor metselbijen en behangersbijen)
- Bamboe en tonkinstokken: De meest stevige optie. Zaag ze vlak achter een knooptak af, zodat de achterkant direct natuurlijk dicht is.
- Riet en vlierbessenstengels: Rietstengels zijn erg geliefd bij kleinere bijensoorten. Vlierbessenstengels hebben zacht merg aan de binnenkant dat sommige insecten zelf gemakkelijk leeg knagen.
Losse materialen (lieveheersbeestjes, gaasvliegen en torren)
- Houtwol en houtsnippers: Ideale, dichte schuilplaatsen voor lieveheersbeestjes en gaasvliegen. Deze insecten zijn onmisbaar in de tuin, omdat ze enormehoeveelheden bladluizen eten.
- Boombast en droge bladeren: Creëren donkere kieren waar kevers en spinnen graag in wegkruipen om te schuilen of te overwinteren.
- Dennenappels: Geven een mooi natuurlijk effect en bieden een veilige schuilplek, mits ze heel dicht op elkaar in een vak worden geperst zodat ze er niet uitvallen.
Stro en hooi (voor oorwurmen)
- Stro in een (terracotta) pot: Oorwurmen zijn gek op stro. Vul een omgekeerde terracotta bloempot met stro en hang deze op, of bouw hem in. Oorwurmen jagen ’s nachts op schadelijke insecten zoals bladluizen en mijten.
Natuurlijke klei of leem (voor klifbewoners)
- Leem- en kleiblokken: Sommige solitaire bijen graven hun gangen liever zelf in harde, droge grond. Je kunt een vak vullen met een mengsel van vochtig leem en zand, er alvast een paar gaatjes in drukken, en dit volledig laten uitharden in de zon.
3. BESTE PLAATSING BIJ JOUW WONING
Om de meeste insecten en wilde bijen naar je insectenhotel te lokken, is de locatie doorslaggevend. Volg deze richtlijnen voor de beste plaatsing rondom je woning:
De ideale positie
- Kies de zonzijde: Hang het hotel op het zuiden, zuidoosten of zuidwesten. Insecten zijn koudbloedig en hebben warmte nodig om actief te worden.
- Zorg voor beschutting: Hang het hotel op een plek die beschermd is tegen harde wind en slagregen. De openingen moeten droog blijven.
- Kies de juiste hoogte: Bevestig het hotel op ooghoogte, tussen de 1 en 2 meter boven de grond.
- Zorg voor stabiliteit: Hang het hotel stevig op zodat het niet kan heen en weer wiegen of klapperen in de wind.
De directe omgeving
- Zorg voor voedsel: Plaats het hotel binnen een straal van 10 tot 20 meter van bloeiende, bijvriendelijke planten en struiken.
- Houd de invliegroute vrij: Zorg dat er geen takken, bladeren of meubels direct voor de openingen hangen.
- Vermijd schaduw van bomen: Hang het hotel niet onder een dicht bladerdek waar nooit zonlicht doordringt
Geniet van je insectenhotel!
Christine de Ridder